De Geheime Woorden

Toelichting bij het Thomas Evangelie

Bram Moerland

(Je kunt ook alleen de tekst van het Thomas Evangelie bekijken.)

Spring direct naar logion of naar het volgende logion »


Proloog: Christus als ieders tweeling

Dit zijn de geheime woorden
die de levende Jezus sprak
en die zijn opgeschreven door Judas Thomas de Tweeling.

 

Het Thomas Evangelie begint meteen al spannend: 'Dit zijn de geheime woorden...'
Wordt ons de onthulling van een tot nu toe verborgen geheim toevertrouwd?

Waarom staat hier 'de levende Jezus? Omdat Jezus deze woorden sprak nog tijdens zijn leven? Dat zou kunnen. Of bedoelt men daarmee de opgestane Jezus na zijn kruisdood? Dat is niet waarschijnlijk omdat de kruisdood en de opstanding niet in Thomas voorkomen. Of is 'de levende' nu juist zo’n geheim woord waarvan we de betekenis nog moeten leren verstaan?
Misschien is die betekenis wel het geheim van Thomas, de kernboodschap van het hele Thomas-evangelie.

En waarom heet Judas Thomas 'de Tweeling'? Omdat hij een echte tweelingbroer van Jezus zou zijn? Dat lijkt niet erg waarschijnlijk. Wat betekent het dan wel?
De belangrijkste raadsels zijn gegeven: geheime woorden, levende Jezus, de Tweeling.
Wat zijn de antwoorden?
Als we de antwoorden op al deze vragen zouden weten, dan…

Christusnatuur
Laten we eerst eens stilstaan bij het woord 'tweeling'. Thomas betekent op zich al tweeling, dus het is dubbel op als daaraan nog eens wordt toegevoegd 'de Tweeling'.
Eigenlijk heet de schrijver van het Thomas-evangelie Judas. Dat is, zo kun je zeggen z'n alledaagse roepnaam. Maar hier wordt deze Judas tweemaal tweeling genoemd. Kennelijk is dat belangrijk. Waarom?
In het Thomas evangelie is ook ‘tweeling’ een ‘geheim woord’, dat wil zeggen dat de betekenis niet alledaags is, maar symbolisch.
Waar gaat het dan over? Het gaat over de twee naturen van de mens. Die vormen samen een tweeling.

Wij hebben als mens twee naturen.
De ene natuur is de persoonlijke natuur, waarbij men zichzelf ervaart als in de tijd geplaatst, met een geboorte en een dood. Dat is de mens met een geschiedenis en een persoonlijke identiteit. Daarbij hoort het 'persoonlijk bewustzijn'.
De tweede natuur van de mens is zijn tijdloze goddelijke kern. Deze tijdloze goddelijke kern van de mens heet in de gnostiek 'de Christus.' Als bijvoorbeeld in de brief aan de Kolossenzen in het Nieuwe Testament gezegd wordt: 'Het geheim is dit: Christus woont in u,' dan is dat voor een gnosticus duidelijk verstaanbaar. Ja, dat is het geheim waar het in de gnostiek over gaat. 'De Christus' woont in elk mens. Ook wordt over Paulus verteld dat hij de Christus in een visioen ontmoette. Precies, de Christus is geen historische persoon die men 'in het vlees,' als een ander mens, kan tegenkomen. De Christus is geïncarneerd, vleesgeworden, in elk van ons, niemand uitgezonderd.

Er is hier een grote verwantschap met het boeddhistische begrip 'Boeddhanatuur'. Elk mens, alle wezens en alle dingen hebben Boeddhanatuur, leert het boeddhisme. Het spirituele pad van het boeddhisme heeft als doel het persoonlijk bewustzijn van de individuele mens te verenigen met zijn eigen tijdloze Boeddhanatuur, die tegelijk ook de Boeddha-natuur is van de ganse werkelijkheid.
Ook in het hindoeïsme spreekt men over de twee naturen van de mens: Atman en Brahman. Atman is het persoonlijk zelf, Brahman het kosmisch zelf. Ook daar gaat het om de vereniging van Atman en en Brahman. In de Bhagavad Gita zegt Krishna (de goddelijke personificatie van Brahman) tegen Arjuna:
'Ik ben het Zelf tronend in het hart van de mensen.'
In de gnostiek wordt hetzelfde gezegd over de Christus.

Doel van de gnostiek is het persoonlijk bewustzijn te verbinden met het Christusbewustzijn. Dat heet in de gnostiek symbolisch: 'de vereniging in het bruidsvertrek'.

In het Nieuwe Testament wordt verteld dat Jezus door Johannes de Doper in de Jordaan gedoopt werd. Op dat moment, zo gaat de vertelling, daalt de Heilige Geest op hem neer.
We zijn gewend geraakt, want zo is ons dat geleerd, om die vertelling te lezen als het verslag van een historische gebeurtenis. Maar als we willen proberen het Thomas evangelie te verstaan moeten we op een heel andere manier leren lezen: ‘Wie oren heeft die hore’, zegt het Nieuwe Testament voortdurend. We moeten de geheime woorden leren verstaan, betekent dat. En als we dat hebben geleerd, horen we ook in de voor velen zo vertrouwde teksten uit het Nieuwe Testament een heel ander verhaal.
De Jordaan bijvoorbeeld staat symbool voor de stroom van het zijn die voortvloeit uit de oerbron van het leven, de Bron van alle zijn. De historische mens Jezus wordt hier symbolisch met zijn persoonlijke natuur ondergedompeld in de oerstroom van het leven, en ervaart op dat moment zijn tijdloze Christusbewustzijn. Hij is een Christus geworden en zal voortaan zijn discipelen leren hoe ook zij een Christus kunnen worden, dat wil zeggen, zich bewust worden van de Christusnatuur die reeds in hen, en in alle mensen, aanwezig is. En zijn discipelen kunnen op hun beurt die blijde boodschap weer doorvertellen, aan iedereen die het horen wil.

Op zoek naar je innerlijke tweeling
Maar hoe zit het nu met die tweeling? Welnu, Judas, de schrijver van dit evangelie (die we voortaan toch maar Thomas zullen blijven noemen omdat dat nu eenmaal gebruikelijk is) is een mens in de geschiedenis. Als mens in de geschiedenis heeft hij een persoonlijke natuur. Maar hij heeft ook een tijdloze, goddelijke kern, de Christus in hem. Zijn tijdelijke persoonlijke natuur is de tweeling van zijn tijdloze Christusnatuur, en andersom. Hier zeggen dat hij een tweeling is, betekent voor de oren van die tijd dat hij laat weten dat hij ernaar streeft zijn persoonlijke natuur te verbinden met zijn innerlijke Christusnatuur.
Thomas, de schrijver van dit evangelie, zegt hier dus eigenlijk voor wie oren heeft om te horen: 'Ik weet dat ik een tweeling in mij heb, en ik ga jullie lezers vertellen hoe jullie ook die tweeling in jezelf kunnen leren kennen.'

Net als deze Thomas, is dus elk mens een tweeling, met een persoonlijke natuur, je historische identiteit, en een Christusnatuur, je tijdloze goddelijke kern. Maar de meeste mensen kennen alleen hun persoonlijke natuur. De Christusnatuur in zichzelf zijn ze vergeten. De gnostiek als spirituele traditie roept nu de mens op zich je Christusnatuur te herinneren, op zoek te gaan naar je innerlijke tweeling.
Het spirituele inzicht dat elk mens een innerlijke tweeling heeft, vinden we ook terug in de traditie van kloosterlingen die bij hun intree een nieuwe naam krijgen, hun spirituele naam. Ze hebben dus een wereldse naam, uit de burgerlijke stand, en een spirituele naam die verwijst naar de Christusnatuur in henzelf. Van oorsprong verwijst dat naar de tweeling in zichzelf.

In oecumenische zin zijn gnostiek, boeddhisme en hindoeïsme en vele andere spirituele tradities slechts variaties op hetzelfde thema over de vereniging van de twee naturen van de mens. Al deze tradities kunnen elkaar aanvullen en verrijken. Alleen wie meent in het exclusieve bezit te zijn van de enige zaligmakende waarheid plaats zich buiten dat spirituele deelgenootschap.

Mens én God
Als in deze proloog wordt gesproken over de 'levende Jezus, is 'levend' ook zo’n symboolwoord. Waarom is Jezus levend? Hij wordt in de symbooltaal van de gnostiek levend genoemd omdat hij zich als mens verenigd heeft met zijn goddelijke Christusnatuur.
Zoals in het kerkelijk christendom gewoonlijk beleden wordt had Jezus twee naturen. Hij was mens én God. Die twee naturen van Jezus waren een heftig twistpunt bij het concilie van Nicea in 325 waarbij de grondtrekken van het kerkelijk christendom werden vastgelegd. Onder tegenstand van de monofysieten, zij die meenden dat Jezus alleen goddelijk, of alleen menselijk was, dus maar één natuur had, werd besloten dat Jezus zowel God als mens was.
Thomas zou het daar helemaal mee eens geweest zijn, maar met dien verstande dat hetzelfde geldt voor alle mensen, en niet alleen voor Jezus.
Want de kern van de spirituele boodschap van het Thomas evangelie is dat elk mens, niemand uitgezonderd, diezelfde twee naturen heeft als Jezus, en de mens in hem kan verenigen met de Christus in hem, om zo, net als Jezus, een 'levende' te worden, mens én God ineen.
Bijna aan het eind van het Thomas evangelie, in logion 108, zegt Jezus zelf:
Wie uit mijn mond drinkt
zal zijn zoals ik
en ik zoals hij.

Wordt je dan ook 'een levende' net zoals Jezus hier genoemd wordt?



Tekst en toelichting van de proloog van het Thomas evangelie kun je hier downloaden.


 


Parallellen

Oxyrhynchus (Griekse versie van het Thomas Evangelie, waarvan enkele fragmenten werden gevonden bij Oxyrhynchus, Egypte)

Dit zijn de geheime woorden die de levende Jezus sprak en die zijn opgeschreven door Judas, die ook Thomas genoemd wordt.

Naam Thomas

Johannes 20:24
Een van de twaalf, Tomas (dat betekent ‘tweeling’), was er niet bij toen Jezus kwam.

Johannes 20:26
Een week later waren de leerlingen weer bij elkaar en Tomas was er nu ook bij. Terwijl de deuren gesloten waren, kwam Jezus in hun midden staan. ‘Ik wens jullie vrede!’ zei hij, En daarna richtte hij zich tot Tomas: ‘Leg je vingers hier en kijk naar mijn handen, en leg je hand in mijn zij. Wees niet langer ongelovig, maar geloof.’ Tomas antwoordde: ‘Mijn Heer, mijn God!’

Johannes 21:2
Bij het meer waren Simon Petrus en Thomas (dat betekent ‘tweeling’), Natanaël uit Kana in Galilea, de zonen van Zebedeüs en nog twee andere leerlingen.

Geheim

Paulus 1 Korintiërs 2
6 Toch is wat wij verkondigen wijsheid voor wie volwassen is in het geloof. Het is echter niet de wijsheid van deze wereld en haar machthebbers, die ten onder zullen gaan. 7 Waar wij over spreken is Gods verborgen en geheime wijsheid, een wijsheid waarover God vóór alle tijden besloten heeft dat wij door haar zouden delen in zijn luister. 8 Geen van de machthebbers van deze wereld heeft die wijsheid gekend; zouden ze haar wel hebben gekend, dan zouden ze de Heer die deelt in Gods luister niet hebben gekruisigd. 9 Maar het is zoals geschreven staat: ‘Wat het oog niet heeft gezien en het oor niet heeft gehoord, wat in geen mensenhart is opgekomen, dat heeft God bestemd voor wie hem liefheeft.’ 10 God heeft ons dit geopenbaard door de Geest, want de Geest doorgrondt alles, ook de diepten van God. 11 Wie is in staat de mens te kennen, behalve de geest van de mens? Zo is alleen de Geest van God in staat om God te kennen. 12 Wij hebben niet de geest van de wereld ontvangen, maar de Geest die van God komt, opdat we zouden weten wat God ons in zijn goedheid heeft geschonken. 13 Daarover spreken wij, niet op een manier die ons door menselijke wijsheid is geleerd, maar zoals de Geest het ons leert: wij verklaren het geestelijke met het geestelijke. 14 Een mens die de Geest niet bezit, aanvaardt niet wat van de Geest van God komt, want voor hem is het dwaasheid. Hij kan het ook niet begrijpen, omdat het geestelijk moet worden beoordeeld. 15 Maar een mens die de Geest wel bezit, kan alles beoordelen, en zelf wordt hij door niemand beoordeeld. 16 Er staat immers geschreven: ‘Wie kent de gedachten van de Heer, zodat hij hem zou kunnen onderwijzen?’ Welnu, onze gedachten zijn die van Christus.

Marcus 7:36
Hij beval de omstanders om aan niemand te vertellen wat er gebeurd was; maar hoe strenger hij het hun verbood, hoe meer ze het rondvertelden.

Marcus 8:16-21
16 Ze hadden het er met elkaar over dat ze geen brood hadden. 17 Toen hij dit merkte, zei hij: ‘Waarom praten jullie erover dat je geen brood hebt? Begrijpen jullie het dan nog niet, en ontbreekt het jullie aan inzicht? Zijn jullie dan zo hardleers? 18 Jullie hebben ogen, maar zien niet? Jullie hebben oren, maar horen niet? Weten jullie dan niet meer 19 hoeveel manden vol stukken brood jullie hebben opgehaald toen ik vijf broden brak voor vijfduizend mensen?’ ‘Twaalf,’ antwoordden ze. 20 ‘En toen ik zeven broden brak voor vierduizend mensen, hoeveel manden vol stukken brood hebben jullie toen opgehaald?’ ‘Zeven,’ antwoordden ze. 21 Toen zei hij: ‘Begrijpen jullie het dan nog niet?’

Marcus 9:9-10
9 Toen ze de berg afdaalden, zei hij tegen hen dat ze aan niemand mochten vertellen wat ze hadden gezien voordat de Mensenzoon uit de dood zou zijn opgestaan. 10 Ze namen zijn woorden ter harte, maar vroegen zich onder elkaar wel af wat hij bedoelde met deze opstanding uit de dood.

Mat 13:10
De leerlingen kwamen naar hem toe en vroegen: ‘Waarom spreekt u in gelijkenissen tot hen?’
(…) Dit is de reden waarom ik in gelijkenissen tot hen spreek: omdat zij ziende blind en horende doof zijn en niets begrijpen.

Mat 13:34
Al deze dingen zei Jezus in gelijkenissen tot de menigte; hij sprak uitsluitend in gelijkenissen tot hen. Zo ging in vervulling wat gezegd is door de profeet: ‘Ik zal het woord nemen en spreken in gelijkenissen; ik zal bekendmaken wat sinds de grondvesting van de wereld verborgen was.’

Markus 3:23
Toen hij hen bij zich geroepen had, sprak hij tot hen in gelijkenissen.

Markus 4:2
Hij onderwees hen uitvoerig en sprak hen toe in gelijkenissen.

Markus 4:11,13
Hij zei tegen hen: ‘Aan jullie is het geheim van het koninkrijk van God onthuld; maar zij die buiten blijven staan, krijgen alles te horen in gelijkenissen.’ (…) Hij zei tegen hen: ‘Begrijpen jullie deze gelijkenis niet? Hoe zullen jullie alle andere gelijkenissen dan begrijpen?

Markus 4:33-34
Met zulke en andere gelijkenissen maakte hij hun het goede nieuws bekend, voorzover ze het konden begrijpen. Hij sprak alleen in gelijkenissen tegen hen, maar wanneer hij alleen was met zijn leerlingen, verklaarde hij hun alles.

Lucas 8:10
Hij antwoordde: ‘Jullie mogen de geheimen van het koninkrijk van God kennen, maar de anderen krijgen alles in gelijkenissen te horen, opdat ze zien zonder inzicht en horen zonder iets te begrijpen.

Romeinen 16:25
Aan hem die bij machte is u kracht te geven, overeenkomstig het evangelie van Jezus Christus dat ik verkondig, overeenkomstig de onthulling van het geheim waarover eeuwenlang gezwegen is.

Openbaringen 10:7
Op het moment dat de zevende engel zijn bazuin zal laten klinken, zal Gods geheim werkelijkheid worden, zoals hij zijn dienaren, de profeten, heeft beloofd.

Tweeling

Paulus, Romeinen 9
1 Omdat ik één ben met Christus

Paulus Galaten 4
Wie Christus Jezus toebehoort, heeft zijn eigen natuur met alle hartstocht en begeerte aan het kruis geslagen.
Hier zien we een fundamenteel verschil tussen Thomas en Paulus. Paulus wil de persoonlijke natuur verzaken en richt zich uitsluitend op de Christus in hem. Thomas wil beide naturen verenigen. Voor Paulus is de kruisiging de dood van de persoonlijke natuur. In Thomas komt de kruisiging niet voor. Daar is sprake van de bruiloft van de twee naturen (zoals ook in het evangelie van Filippus). Kruisiging of bruiloft, dat is een heel groot verschil.

Geheime Boek van Johannes, NHC III.1, 37
Zij allen hebben, kortom, twee (soorten) namen:
(die) waarmee ze door de hemelse heerlijkheden worden aangesproken; (en die) waarmee ze volgens de manifeste waarheid van hun aard worden benoemd.

Een mooie parallel van deze openingszin en logion 2 vinden we in het Boek van Thomas de Kampvechter (NHC II.7, 138):
"De geheime woorden die de Verlosser tot Judas Thomas gesproken heeft, en die ik, Mathaias, heb opgeschreven toen ik onder het wandelen hoorde hoe ze met elkaar praatten.
De Verlosser zei: 'Broeder Thomas, zolang je de tijd in deze wereld hebt, luister naar me en ik zal je dat openbaren, waarover je in je hart hebt nagedacht. Want omdat men gezegd heeft dat jij mijn tweelingbroer en mijn ware metgezel bent, dien je jezelf te onderzoeken, opdat je zult begrijpen wie je bent, hoe je hier bent en wat je zult worden. Daar men jou mijn broeder noemt, past het niet dat je over jezelf onwetend bent. Ik weet dat je hebt begrepen, omdat je al eerder inzag dat ik de kennis van de waarheid ben. In de tijd dat je me vergezelt, ben je, ofschoon je onwetend was, al tot kennis gekomen; daarom zal men jou "de zelf-kenner" noemen.
Want hij die zichzelf niet heeft gekend, heeft niets gekend. Maar hij die zichzelf heeft gekend, heeft ook kennis over de diepte van het Al verkregen. Daarom heb jij nu, mijn broeder Thomas, het voor de mensen verborgene gezien; dat is datgene waaraan zij aanstoot nemen, omdat zij het niet kennen.' "

Evangelie van Filippus 51
Glaswerk en aardewerk worden gemaakt met behulp van vuur. Maar als glaswerk breekt, wordt het opnieuw gemaakt, want glas is geblazen, terwijl aardewerk verloren gaat als het breekt, want dit is zonder adem ontstaan.

Paulus, Brief aan de Galaten 19
Kinderen, zolang Christus geen gestalte in u krijgt...

Openbaring van Petrus NHC VII.3:83
Ik ben de bewustgeworden geest die vol is van stralend licht

Eckehart
Toen God de mens maakte, maakte Hij de vrouw uit de zijde van de man, opdat zij zijn gelijke zou zijn. Hij maakte haar niet uit het hoofd van de man, noch uit diens voeten, zodat zij noch vrouw noch man voor hem zou zijn, maar Hij maakte haar zo dat zij zijn gelijke was. Zo moet de rechtvaardige ziel als gelijke bij God zijn en als naaste bij Hem zijn, precies terzelfder hoogte, niet lager of hoger.” (Over God wil ik zwijgen, II Preken, Meister Eckhart, p. 160, Hist. Uitg. Groningen, 2001) (Ingezonden door Toon Desmet)

Levende
Brief van Jacobus
Uit vrije wil heeft hij ons het leven geschonken door het Woord.
Met ''het leven' is hier niet het feitelijk bestaan, maar een bepaalde wijze van zijn bedoeld. Het Woord is synoniem voor Jezus.

De parallellen bij de proloog kunt u hier downloaden.

 


Reacties (6)

Ik heb pas met erg veel
interesse, fascinatie en ontroering het
volledige Thomas Evangelie gelezen met
de daarbij behorende uitleg. Het is echt
een ongelooflijk wijs document met
waarheden die, in ieder geval voor mij, de
visie op het leven weergeven zoals ik
het wil leven. Laat meer mensen
ontdekken wie ze zijn en wat hun plek is in
het leven zonder beperkt te zijn door van
buiten af opgelegde identiteiten!


Er zijn mensen die in hun beleving de weg naar het Koninkrijks Gods hebben gevonden. Gefeliciteerd! Maar dan ....

Vraag 1:
Hoe krijg je ze tot het inzicht dat hun eigen weg niet betekent dat ieder ander ook precies diezelfde weg MOET gaan?

Vraag 2:
Hoe krijg je ze tot het inzicht dat ieder mens dat op zijn eigen wijze kan vinden?

Vraag 3:
Hoe kun je leren een ander te helpen bij zijn/haar zoektocht?





Lieve allemaal
Zo wat heb ik veel te lezen ,alleen heb ik een vraag aan jullie ,of dat bekent is .al lang loop ik met de vraag, zijn wij wel een even beeld van het Goddelijke ,kijk graag naar de levens gewoonte van de aards -mens, hoe wij alle gelijk reageren gelijk als de dieren, daar loop je lang te over denken. Dan kom je bij de bijbel genesis,en bij Bò yin Rà, barend van de Meer en ABD-RU-SHIN ,en natuurlijk Darwin. Als dat het stof lichaam van de mens dierlijk is, maar dat de schepping de Ziel en de Geest in dat lichaam heeft in gebracht. Met de ziel en geest ,moet de mens zijn oeratoompje tot leven weten te wekken. En dan krijg je het bijbel ver haal de geboorte van het kindje Jezus .
Dat is
n van mijn innerlijke vragen aan mij zelf. Veel liefs voor wie dit leest , Kees


Kees, het lastig om dat evenbeeld van God in de mens te zien, zeker als je denkt aan alle ellende die de mens veroorzaakt.
Als je bij ieder mens probeert hem/of haar te zien( en u zelf) als iets bijzonders, als een kind van God, dan werkt dit door.
De mens wordt dan bijzonder, omdat u van het goede, bijzondere uitgaat en gaat steeds meer mooie kanten gaat ontdekken.

Ik weet niet met welke vraag u zit over de geboorte van het kindje Jezus, hij was een bijzonder mens en leerde hoe liefde is en wat liefde doet, de geboorte van een kind en dus ook van Jezus is heel bijzonder.
Mogelijk kunt u proberen de vraag anders te stellen dan kunnen 'we' u mogelijk een antwoord geven op u vraag of vertellen dat 'we' het ook niet weten.


27 augustus 2009 17:20

Dag Linda.
Ja daar komen de eerste vragen voor mij ,hopelijk krijg ik de juiste inspiratie .
Linda voor mij is de Bijbel een innerlijke weg, met het voorbeeld van Jezus zijn geboorte met de Kerst- dagen. . Daar wilde ik een gelijkenis mee aan geven . Ieder mens heeft een vonkje van het goddelijke in zich ,alleen hij moet daar wel iets voor doen, wat dag je ,dat Jezus de Christus zo maar heeft ontvangen ook hij is uit een aardse vader en moeder geboren hij was een van ons wat een strijd heeft dat gekost elk aardse- mensen die uit de materialisatie met zijn aardse Ego wilt ontstijgen en de Christus in zijn innerlijke wilt ontvagen zal gelijk als Jezus heeft gezegd[wees mijn na volgers] . Ik heb al aan gegeven , heb geen kennis om mijn innerlijk gevoel ,aan ieder met woorden aan te geven. Linda ik hoop dat je kunt begrijpen wat het pad voor de mens betekend. Met mijn innerlijke liefde op getekend bedank Kees


Beste Kees,
Als je traditioneel christelijk bent opgevoed, heb je geleerd allerlei zaken voor waar te houden. Het is waar of het is niet waar. En met ‘waar’ wordt bedoeld feitelijk waar, echt gebeurd.
Was moeder Maria voor en na de geboorte van Jezus maagd, maagd in lichamelijke zin? Ja, zegt de kerk, in elk geval de kerk van Rome. Daar geldt dat als een feitelijke waarheid.
Die opvatting van de waarheid hoort bij het kerkelijk christendom. En als dan mensen de kerk verlaten blijven ze toch vaak nog naar precies zo’n 'waarheid' vragen als ze vroeger geleerd hebben.

Maar je kunt met de christelijke verhalen ook heel anders omgaan.
Zo zei bijvoorbeeld de mysticus Eckehart dat moeder Maria het symbool is van de menselijke ziel. En, zo legde hij dat uit, de ziel moet eerst maagdelijk worden voor de Christus in je geboren kan worden. En ook na de geboorte van de Christus in je moet je ziel maagdelijk blijven, want anders zal de Christus je weer verlaten.
Eckhart laat daarmee een heel andere manier zien van omgaan met de ‘waarheid’ van de christelijke verhalen.

Nu vraag jij of de mens aan god gelijk is.
Maar helaas, daar kan ik geen 'waar' antwoord op geven. Althans niet op de manier waarop de kerkelijke waarheden gebracht worden.

Nou kun je menen dat God alles bestiert. Ik weet niet of dat waar is, maar ik weet wel dat die opvatting grote gevolgen heeft voor je opstelling in het leven. De mens is dan namelijk zelf onmachtig om zijn lot in eigen handen te nemen. Als je iets verlangt dan is de enige manier om daar iets aan te doen om een verzoek bij God in te dienen. Om onbegrijpelijke reden beslist die dan vervolgens misschien wel heel anders.
Dus, of het waar is of niet, dat weet ik niet, maar ik weet dat die waarheid de mens machteloos maakt.
Maar die machteloosheid strookt niet met mijn opvatting over de mens. Want daarmee plaats je de verantwoording voor alles wat er gebeurt geheel buiten jezelf, namelijk in de handen van een almachtige God.
Zo wil ik niet leven. Daarom doe ik niet mee aan dat geloof.
Ik wil de verantwoording voor het leven op aarde niet buiten mijzelf plaatsen.

Nu komen we bij de gnostiek. Die zegt dat de mens aan God gelijk is, zo staat dat in de teksten. Voor een traditioneel christen is dat godslasterlijk. Maar voor mij niet. Want die zogenaamde menselijke goddelijkheid legt de verantwoording voor mijn leven bij mijzelf. Niet God, maar wij mensen bepalen samen of we van het leven op aarde een hel maken of een hemel. Dat is onze eigen verantwoording, die we niet kunnen afschuiven op een almachtige God.
Ik weet niet of het ‘waar’ is dat de mens aan God gelijk is op de manier waarop de kerk waarheden ziet.
Maar ik vind dat het waar is op de manier waarop Eckhart met de christelijke verhalen omgaat: als een wijze van spreken van grote betekenis. Voor die betekenis van de gnostiek kies ik, niet omdat het ‘waar’ is, maar omdat ik volgens die betekenis wil leven.

Twee dingen wil ik nog toevoegen.
Eerst dit. Toen de kerk begon de gnostici te verketteren noemden ze hen 'heretici'. Dat woord wordt meestal vertaald met ‘ketter’ in de betekenis van afvallige. Maar de oorspronkelijke betekenis van dat woord is: ‘iemand die een keuze maakt’.
Mooi vind ik dat.
En dan nog een uitspraak van de gnosticus Valentinus:
“Wij gnostici strijden niet om de waarheid, want elk mens is zelf zijn eigen waarheid”.
En ook dat vind ik mooi.
Waar of niet waar, ik kies ervoor.


 


Reageer

Alle velden zijn verplicht. Je moet een geldig e-mailadres invullen.
Je e-mailadres is niet zichtbaar op de site.

Naam:
E-mail:
Reactie: